In veel regio's wordt nu onderzoek gedaan naar de leefbaarheid van de regio in een situatie van krimp. Onder leefbaarheid wordt het volgende verstaan: De mate waarin de leefomgeving aansluit bij de wensen en behoeften van de bewoners. Een van de vragen die in al deze onderzoeken naar voren komt is de vraag of de leefbaarheid afhankelijk is van de aanwezigheid van de school. Inmiddels zijn er twee onderzoeken uitgevoerd.
Krimp en onderwijs
In een krimpregio daalt het bevolkingsaantal ten gevolge van ontgroening, vergrijzing en een negatief migratiesaldo. Deze demografische ontwikkeling heeft direct invloed op de leerlingenaantallen en daarmee ook op de vacatures voor leraren in de regio. Het is daarom belangrijk om de gevolgen van krimp aan te pakken, de ongewenste effecten op de regionale onderwijsarbeidsmarkt te beperken.
Krimpproblematiek is niet nieuw en op steeds meer regio's van toepassing.
Voor onderwijsinstellingen en besturen is er al veel informatie beschikbaar over krimp. Zoals analyses die de stand van zaken in de regio's aangeven, instrumenten die handvatten bieden bij het anticiperen en reageren op de gevolgen van krimp en praktijkvoorbeelden die beschrijven hoe eerdere initiatieven zijn uitgepakt.
Zoeken in kennisportaal
Deze pagina...
Het onderzoek 'Kostenremanentie bij scholen voor primair onderwijs in krimpgebieden' gaat over de vraag of de toename van de bekostiging per leerling in het primair onderwijs voldoende is om de (verwachte) stijging van de kosten per leerling te accommoderen in geval van een krimpend aantal leerlingen.
In opdracht van het Ministerie van OCW voerden Research voor Beleid en IOO (beide onderdelen van Panteia) een onderzoek uit naar de financiële gevolgen van dalende leerlingaantallen (krimp) in het voortgezet onderwijs.
Nederland krijgt de komende jaren met een sterke daling van het aantal leerlingen te maken. Deze krimp in leerlingenaantallen heeft gevolgen voor de bekostiging en de organisatie van het onderwijs en daarmee voor het personeel.
Een rapport over de gevolgen van krimp op de lokale woningmarkt en regionale economie en de wijze waarop gemeenten in de krimpregio’s Parkstad Limburg, Eemsdelta en Zeeuws-Vlaanderen omgaan met krimp.
Landelijk zal het aantal leerlingen met tien procent dalen, de komende jaren.
Zeeland is een van de sterkste dalers en denkt na over alternatieven. Lees in het artikel 'Groep-Joep wordt onhoudbaar' uit Didactief hoe Zeeland omgaat met leerlingenkrimp in het po.
In het rapport leest u welke ervaringen er in vijf casussen van leerlingenkrimp zijn opgedaan. Tevens staan er strategieen voor succes en aandachtspunten benoemd voor de aanpak.
Rapport over de dalende leerlingenaantallen in Zeeland: de leeringencijfers per gemeente, onderzoek naar denominaties, scenario's en het behoud van kwalitatief goed onderwijs in de regio.
Een onderzoek naar leerlingendaling in het po en vo: trends en prognoses, ervaringen en mogelijke oplossingen met betrekking tot krimp van schoolleiders en bestuurders.
In deze rapportage wordt voor het Primair - en het Voortgezet Onderwijs aangegeven welke knelpunten door structurele leerlingendaling worden opgeroepen, hoe daarmee omgegaan kan worden en in welke mate regels daarin een belemmering vormen.
De provincie Friesland heeft naar aanleiding van de berichten over bevolkingsdaling in de perifeer gelegen regio's onderzoek laten doen naar de ontwikkeling van het inwonertal van Friesland.
In deze notitie van het SBO wordt kort ingegaan op de gevolgen van de bevolkingskrimp voor het onderwijs en de regio’s waar op dit moment het probleem speelt of begint te spelen.
IVA heeft de krimp en de gevolgen voor het onderwijs onderzocht en bestuurlijke dilemma’s en aandachtspunten geformuleerd. Hiermee ondersteunen zij het bestuurlijke proces over het omgaan met de gevolgen van de krimp in het Limburgse beroepsonderwijs.
Regelmatig worden in de kamer aan het Ministerie van OCW vragen gesteld over de gevolgen van de krimp voor het onderwijs. Hier vindt u de links naar een aantal recente reacties van het Ministerie van OCW op vragen uit de kamer en uitgebrachte nieuwsberichten.
Uit de rapportages van het Topteam Krimp blijkt dat de regio's Parkstad Limburg, Groningen en Zeeland wel alledrie te maken hebben met een krimpende bevolking, maar dat de omstandigheden en oplossingsrichtingen in alle drie de regio's anders zijn.
Het rapport bevat een beschrijving van een aantal aanpassingsstrategieën die door scholen worden toegepast: efficiencyverhoging door optimalisering van de schaalgrootte, flexibilisering van de huisvesting en van het personeelsbestand. In het rapport staat tevens beschreven welke knelpunten scholen ervaren en hoe zij denken deze op te lossen.
De themagroep Krimp en Onderwijs van het Nationaal Netwerk Bevolkingsdaling heeft in de eerste helft van 2009 een positionpaper opgesteld waarin zij de gevolgen van de bevolkingsdaling voor het onderwijs beschrijven.
Het economisch advies- en onderzoeksbureau APE heeft een onderzoek uitgevoerd naar de gevolgen van de demografische veranderingen in krimpregio Limburg voor het onderwijs. Het bestaat uit een kwantitatief gedeelte en een diepteverkenning in een aantal gemeenten in Zuid-Limburg.
Demografische ontwikkelingen (krimp) in de provincie Limburg maken het noodzakelijk om een pro-actief beleid te voeren op het terrein van onderwijs en arbeidsmarkt. In de nota ‘Limburg Talentrijke Regio’ worden kaders gesteld om tot effectieve acties te komen.
Deze analyse beschrijft de arbeidsmarktsituatie voor het voortgezet onderwijs (vo). Waar mogelijk wordt dit beeld afgezet tegen de reeds gemaakte afspraken in de CAO-VO 2008-2010.
De ontwikkelingen in de onderwijsarbeidsmarkt verschillen sterk per regio. De verwachting is dat het aantal krimpregio’s zal toenemen. De regionale arbeidsmarktanalyses bieden beleidsinformatie, zoals ontwikkelingen in de werkgelegenheid. Hiermee kan worden ingespeeld op specifieke knelpunten voor een regio.
In dit actieplan pleit CNV Onderwijs voor de aanpak van krimpproblematiek met een snellere aanpassing van de opheffingsnormen van scholen, afschaffing van de sollicitatieplicht voor 60-plussers in het onderwijs en een actieve bevordering van samenwerkingsscholen in plattelandsgemeenten.
Met dit interbestuurlijk actieplan geven VNG, IPO en Rijk richting aan een gezamenlijke beleidsaanpak van bevolkingsdaling, onder andere op het gebied van onderwijs.
In dit artikel van Schoolfacilities geven een aantal bestuurders hun visie over de benadering van bevolkingskrimp. Bestuurders uit de Achterhoek, Parkstad Limburg en Zeeland komen aan het woord.
De Taskforce Zeeland heeft, in opdracht van het Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Weterschap, adviezen opgesteld over hoe onderwijspartijen, bedrijfsleven en lokale overheden gezamenlijk bestuurlijk, organisatorisch kunnen bijdragen aan een kwalitatief en duurzaam aanbod van middelbaar beroepsonderwijs en hoger onderwijs in Zeeland.
In het artikel worden informatie en aanbevelingen van het SBO om met krimp om te gaan beschreven.
Naar aanleiding van een adviesvraag van de minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap heeft de Onderwijsraad op 29 augustus 2011 een adviesrapport uitgebracht dat antwoord geeft op de volgende vraag: Leidt vermindering van het aantal profielen tot betere organiseerbaarheid, meer doelmatigheid en focus op de kern?
In juni 2011 is de voortgangsrapportage van het Interbestuurlijk Actieplan Bevolkingsdaling aan de Tweede Kamer aangeboden. In deze voortgangsrapportage staan de activiteiten beschreven die de afgelopen periode zijn uitgevoerd om de gevolgen van de bevolkingsdaling aan te pakken.
Het ministerie van OCW heeft onlangs twee onderzoeken afgerond naar de bekostiging van het onderwijs in relatie tot de daling van de leerlingenaantallen (krimp). De minister heeft deze onderzoeken op 14 september aangeboden aan de Tweede Kamer met een begeleidend schrijven. Er zijn twee onderzoeken uitgevoerd, één in het PO en één in het VO.
Nederland krijgt de komende jaren met een sterke daling van het aantal leerlingen te maken. Deze krimp in leerlingenaantallen heeft gevolgen voor de bekostiging en de organisatie van het onderwijs en daarmee voor het personeel.
Minister Van Bijsterveldt (Onderwijs) gaat onderwijsinstellingen in krimpregio’s daarom de ruimte bieden om experimenten te starten. Met deze ‘sleutelexperimenten’ wil de bewindsvrouw een goed en divers aanbod van onderwijs in krimpregio’s stimuleren.
Kleine scholen krijgen onder strikte voorwaarden de mogelijkheid om een zogenaamde ‘samenwerkingsschool’ tot stand te brengen, met zowel bijzonder als openbaar onderwijs wordt. De Tweede kamer heeft ingestemd met een wetsvoorstel van Minister Van Bijsterveldt.
Met een wetswijziging krijgt de minister van Onderwijs vanaf 1 januari 2011 de ruimte om scholen met minder dan 23 leerlingen open te houden.
In opdracht van het SBO heeft ResearchNed een raming van de toekomstige formatie voor leraren (in fte's) gemaakt voor het primair onderwijs en voortgezet onderwijs voor de periode 2010-2025.
Op de website ‘Van meer naar beter’ van Kennisplein Krimp wordt gewaarschuwd voor het gebrek aan het gevoel van urgentie voor krimp in Nederland. In een artikel van Eva-Katrien Schröder wordt hierop ingegaan.
De sociale partners vo willen aan de regionale platforms vo arbeidsmarktmiddelen ter beschikking stellen voor vraaggestuurde regionale projecten en/of regionale onderzoeksvragen die gerelateerd zijn aan (potentiële) krimp.
De krimp van het leerlingenaantal zorgt ervoor dat besturen in sommige gevallen moeten besluiten om kleine scholen te sluiten. Wanneer een school te klein wordt, kan een schoolbestuur niet meer garanderen dat er voldoende kwaliteit geboden wordt voor de ontwikkeling van het kind.
Kleine scholen voor primair en voortgezet onderwijs die met sluiting worden bedreigd vanwege een afnemend aantal leerlingen, kunnen in de toekomst mogelijk toch blijven bestaan.
Ondanks waarschuwingen van schoolbesturen in het Noorden voor verlies van vele banen in het po in de komende jaren door bevolkingskrimp, blijven evenveel studenten zich aanmelden voor de pabo's in de noordelijke provincies.
Naar aanleiding van een adviesvraag van de minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap heeft de Onderwijsraad op 29 augustus 2011 een adviesrapport uitgebracht dat antwoord geeft op de volgende vraag: Leidt vermindering van het aantal profielen tot betere organiseerbaarheid, meer doelmatigheid en focus op de kern?
Vanaf september 2012 gaan de Fontys pabo in sittard en de pabo's van Hogeschool Zuyd in Maastricht en Heerlen onderwijs aanbieden op één locatie in Sittard. Dit is voor de lerarenopleidingen een manier om de krimp en vergrijzing in de regio op te vangen.
In het primair onderwijs zal het aantal leerlingen tussen 2012 – 2015 met ten minste 67.000 kinderen dalen, zo concludeert de AOb. Deze krimp zal niet alleen optreden in regio’s als Groningen en Zeeland. In 326 van de 430 gemeenten wordt een krimp in het aantal leerlingen verwacht.
De Friese gemeente Littenseradiel wil basisscholen in de gemeente opsplitsen in een school die zich richt op de onderbouw en in een school die zich richt op de bovenbouw, zo bericht Binnenlands Bestuur.
De spreadsheet 'Leerlingendaling po' bevat cijfers over de leerlingendaling in de periode 2000 t/m 2025 voor alle gemeenten in Nederland.
Vergrijzing kan een oorzaak zijn van krimp. Met het oog op de vergrijzing en de daarmee gepaard gaande dreiging van lerarentekort, wordt in dit factsheet van het SBO de ontwikkeling gegeven van de leeftijdsopbouw in het po, vo en de beroeps- en volwasseneneducatie (bve).
In Lelystad en Dronten kunnen leerkrachten zich vrijblijvend vier dagen oriënteren op een andere school en hun ervaringen delen op de website ergensandersishetookleuk.nl.
Een plusleraar is een ervaren leraar die is aangesteld om de vervanging bij ziekte op te vangen en daarnaast andere taken uitvoert zoals het begeleiden van nieuw personeel of het ontwikkelen van het curriculum. Als er minder leerlingen zijn, is het benoemen van een leraar tot plusleraar wellicht een goede maatregel.
Wanneer scholen als gevolg van krimp worden samengevoegd, kan de inzet van 1 directeur voor 2 scholen een optie zijn. Dit onderzoek van regioplatform Peel en Maas geeft inzicht in de competenties en succesfactoren van meerscholendirecteuren.
25 besturen die lid zijn van Personeelscluster Oost Nederland (PON) hebben besloten samen te werken om de dalende werkgelegenheid op te vangen.
Het instrument is een vervolg op de eerdere brochure met rekenmodule 'In Goed Overleg' (2003). In de nieuwe rekenmodule is het mogelijk om naast, de inkomsten over een aantal jaren, ook de uitgaven voor de formatie gedetailleerd te analyseren, zowel op de korte als de wat langere termijn.
De website geeft algemene informatie over het mobiliteitsproject, beantwoord specifieke vragen over hoe een oriëntatie bij andere scholen in zijn werk gaat en voor degenen die direct enthousiast zijn, is er zelfs de mogelijkheid om vacatures bij andere scholen te bekijken.
Het Twents Educatief Platform (TEP) heeft in 2009 een argumentenkaart Horizontale Mobiliteit ontwikkeld waarin de voors en tegens van mobiliteit in het primair onderwijs beschreven staan. Met behulp van deze argumentenkaart kunnen de scholen het gesprek aan gaan met hun medewerkers over hun loopbaan.
Personeelsbeleid in een krimpregio betekent vooruitkijken en flexibel inspelen op een veranderende omgeving. Levensfasebewust personeelsbeleid speelt hierbij een rol. De Levensfasescan geeft inzicht in relevante instrumenten aan de hand van vijf beleidsstadia: visie, doelen stellen/plannen, activiteiten, evalueren en bijstellen.
Met de methodiek voor strategische personeelsplanning die voor het vo is ontwikkeld kunt u vaststellen wat over vijf jaar de kwantitatieve en kwalitatieve personeelsbehoefte is, hoe de personeelsomvang zich in die vijf jaar ontwikkelt, welke interventies noodzakelijk zijn om eventuele discrepanties op te heffen.
De mbo-raad en Atos Consulting hebben, samen met een aantal mbo instellingen, het leerontwikkeltraject Strategische Personeelsplanning ontworpen. De methodiek van dit traject bevat een 7-stappenplan, dat leidt tot een set HRM-maatregelen en een afgestemde financiële prognose.
De provincies Groningen, Limburg en Zeeland hebben in november 2009 voor elke regio een krimpscan laten ontwikkelen. Bij het opstellen van deze scan hebben betrokkenen wensen en keuzes verzameld.
In september 2009 is het project DC Noise (Demographic Change: New Opportunities in Shrinking Europe) van start gegaan. In het DC Noise- project worden demografische ontwikkelingen in de regio aangepakt.
Op 17 november vond een conferentie plaats over de krimp in het onderwijs in de Achterhoek. Deze bijeenkomst had als doel de samenwerking tussen de verschillende partijen te vergroten en te komen tot een gezamenlijk regionaal krimpplatform.
Een bijeenkomst van verschillende regionale platforms over de verwachte leerlingenontwikkelingen in Brabant in samenhang met de onderwijsarbeidsmarkt in het Brabantse primair onderwijs. De centrale vraag van de dag: wat kunnen we samen, regionaal doen?
In het primair onderwijs bestaat nog steeds koudwatervrees voor mobiliteit. Iedereen onderschrijft het belang ervan, maar de praktijk is weerbarstig. Toch zijn er ook succesverhalen waar veel uit te leren valt, bleek tijdens het SBO-rondetafelgesprek op 7 oktober.